facebook van ziekte en invaliditeit VZW Hartziekte op twitter

 

 

" Kanker ”

De overgrote meerderheid van mensen die voor het eerst met kanker te maken krijgen, weet nauwelijks wat van die ziekte. Helemaal niet verwonderlijk dus dat ook u overweldigd wordt met een heleboel termen die u absoluut niets zeggen.

 

Forum - Kronika: Stel uw vraag op ons forum, je kan ook inloggen met een facebookaccount

 

Favoriete rubrieken

Borstvergroting tips

Borstvergroting

mooi gebit

Tandverzorging

Hartziekten

invaliditeitsuitkering

Uitkeringen

Anorexia

Anorexia

Soorten kanker

maagzuur, reflux

Maagzuur

Verslaving

 

 

Soorten Kanker

Andere symptomen

4

Hartziekte VZW

Informatie van en voor hartpatiënten

4

Ziekenzorg-CM

Werking voor chronisch zieken

4

VAPH

Wie kan een beroep doen op het VAPH?

4

VDAB

Wat als je een arbeidshandicap hebt

4
Sociale Zekerheid
gehandicaptenbeleid in België

 

logo vlaams patiëntenpanel

 

U kan ons gratis ondersteunen door een link te plaatsen op uw blog, website, facebook, enz......

 

VZW Hartziekte dankt van ganser harte alle mensen die zich inzetten voor onze vereniging en ons actief bijstaan in het realiseren van onze doelstellingen! Wil je graag een link toevoegen klik hier

 

 

CONTACT

 

baarmoederhalskanker

Baarmoederhalskanker !

Jaarlijks krijgen in Vlaanderen zo’n 400 vrouwen de diagnose baarmoederhalskanker. Ongeveer 100 vrouwen per jaar sterven aan de ziekte. Baarmoederhalskanker is nochtans een traaggroeiende kanker die bijna 100% te genezen is als hij tijdig wordt opgespoord. Zo’n opsporingsonderzoek is pijnloos en vrij eenvoudig. U hebt er dus alle belang bij het niet uit te stellen.

 

Anatomie

De baarmoeder bestaat uit twee delen:het baarmoederlichaam en de baarmoederhals. Het baarmoederlichaam is het grootste deel. Aan beide zijden liggen de eierstokken met de eileiders. De baarmoederhals is het smalle onderste deel van de baarmoeder die het baarmoederlichaam met de vagina verbindt. Baarmoederhalskanker ontstaat meestal uit cellen in het slijmvlies van de overgang tussen baarmoederhals en baarmoedermond.

 

Ontstaan baarmoederhalskanker

-  Het virus HPV of Humaan Papilloma Virus ligt meestal aan de basis van baarmoederhalskanker. Dit virus wordt overgedragen via seksueel contact.


-  Er zijn meer dan 100 verschillende stammen van het virus bekend. Deze vallen uiteen in twee grote groepen, namelijk deze die genitale wratten veroorzaken en deze die zich in de slijmvliezen nestelen.


-  Ook in de tweede groep is er nog een onderverdeling tussen virussen met laag en met hoog risico op het ontwikkelen van baarmoederhalskanker.


-  Het zijn vooral de HPV-types 16, 18, 31, 33 en 45 die als de kwaadaardigste beschouwd worden voor het ontwikkelen van baarmoederhalskanker.


-  Zo’n 80 tot 85 % van de vrouwen komt ooit in contact met het virus.


-  Wie met het virus besmet raakt, heeft er meestal geen last van omdat het immuunsysteem ertegen reageert door antilichaampjes aan te maken. Gebeurt dit niet, dan blijft men met het virus besmet en kan dat veranderingen aan de cellen van de baarmoederhals teweegbrengen. Deze zogenaamde voorlopercellen vertonen een aantal afwijkingen ten opzichte van gezonde cellen maar zijn nog ongevaarlijk. Door deze cellen weg te halen, kan de arts het ontstaan van kanker voorkomen.

 

Evolutie

-  Tussen de virusinfectie en het voorstadium van baarmoederhalskanker verloopt 4 tot 5 jaar.


-  Deze voorlopercellen ontwikkelen zich zeer traag tot kanker. Het duurt gemiddeld tot 10 jaar na de infectie vóór er sprake is van kanker.


-  In het begin zijn er geen symptomen. Daarom is actief opsporen van afwijkende cellen belangrijk.


-  Na verloop van tijd krijgt men last van ongewone of bloederige afscheiding of echte bloedingen tussen twee menstruaties. Toch kunnen hier ook andere oorzaken aan de basis liggen.

 

Wie loopt risico?

 

-  In België krijgt 1 vrouw op 100 vóór de leeftijd van 75 jaar baarmoederhalskanker. Vrouwen tussen 30 en 50 jaar lopen het meeste risico. Vrouwen uit lagere socio-economische bevolkingsgroepen overlijden 3 keer meer aan de ziekte dan andere vrouwen.


-  Vrouwen bij wie een HPV-infectie lange tijd aanhoudt, lopen een groter risico op de ontwikkeling van kwaadaardige cellen.


-  Ook vrouwen die roken, hebben een verhoogd risico omdat roken het afweersysteem negatief beïnvloedt en hierdoor het opruimen van het virus bemoeilijkt.


-  Andere risicofactoren zijn: seksuele betrekkingen op jonge leeftijd (vóór 16 jaar), verschillende seksuele partners zonder condoomgebruik, aids of een andere aandoening die de algemene weerstand aantast.

 

Voorkomen en opsporen

 

-  Sinds 2007 kunnen meisjes zich laten vaccineren tegen baarmoederhalskanker.


-  Het vaccin beschermt tegen de meest voorkomende HPV-types. Verwacht wordt dat de vaccinatie in 70 % van de gevallen baarmoederhalskanker kan voorkomen.


-  Deze vaccinatie bestaat uit 3 inspuitingen en gebeurt het best vóór men seksueel actief wordt, omdat het virus juist via seksuele contacten wordt overgedragen.


-  Ook al is er een vaccin beschikbaar, toch blijft het nodig regelmatig een uitstrijkje te laten nemen omdat het vaccin niet alle gevallen van baarmoederhalskanker kan voorkomen.


-  Het uitstrijkje is de enige manier waarop de arts nu afwijkingen die tot baarmoederhalskanker kunnen leiden, kan opsporen.


-  Vrouwen vanaf 25 jaar die seksueel actief (geweest) zijn, laten het best tot hun 65ste een uitstrijkje nemen door hun huisarts of eventueel door de gynaecoloog. Op die manier kunnen de voorstadia van baarmoederhalskanker tijdig worden opgespoord en behandeld. 

 

Het uitstrijkje

 

Een uitstrijkje is in principe een vrij eenvoudig en pijnloos onderzoek maar kan soms kleine ongemakken zoals licht bloedverlies met zich meebrengen.

 

Voor het nemen van een uitstrijkje ligt u met opgetrokken benen op de onderzoekstafel. Uw voeten steunen op de tafel of op speciale beensteunen. De arts gebruikt een ‘speculum’ of metalen instrumentje om de binnenkant van de vagina en de baarmoederhals te bekijken. Daarna haalt de arts wat celmateriaal van de binnenzijde van de baarmoederhals weg om te onderzoeken. Meestal krijgt u de uitslag binnen de 2 weken.

 

Het baarmoederhalsuitstrijkje moet om de 3 jaar worden afgenomen vanaf de leeftijd van 25 jaar. Na 50 jaar kan het onderzoek om de 5 jaar gebeuren op voorwaarde dat de vrouw regelmatig uitstrijkjes heeft laten afnemen en dat de laatste uitstrijkjes geen afwijkingen toonden en goed waren.

 

In volgende gevallen wordt aangeraden om jaarlijks een uitstrijkje te laten nemen:

 

-  bij een eerder afwijkend uitstrijkje
-  als u eerder al een behandeling van de baarmoederhals onderging
-  wanneer u genitale wratten hebt of had
-  als uw afweersysteem niet optimaal functioneert door het gebruik van geneesmiddelen of ziekte

 

In sommige situaties is het niet aangeraden om een uitstrijkje te laten nemen.

 

-  Bij ontsteking van de baarmoederhals of vagina. Deze ontsteking moet eerst behandeld worden.


-  Tijdens de menstruatie of bij andere bloedingen. Het bloed belet immers dat de cellen goed beoordeeld kunnen worden.


-  Bij zwangerschap en borstvoeding omdat de cellen door hormonale veranderingen moeilijker te beoordelen zijn.


-  Als u ouder bent dan 65 jaar en de laatste 2 uitstrijkjes een gunstig resultaat hadden. Voor vrouwen ouder dan 65 jaar die nooit een uitstrijkje lieten nemen, blijft het wel nuttig.


-  Als het vorige uitstrijkje minder dan 3 maanden geleden werd genomen. De oppervlakkige cellaag heeft immers minstens 6 weken nodig om zich te herstellen.

 

De resultaten

 

-  De uitslag van een uitstrijkje wijst veel vroeger op afwijkingen dan de eerste symptomen van baarmoederhalskanker maar biedt nooit 100 % zekerheid.


-  Het onderzoek kan in sommige gevallen onbetrouwbaar blijken, bv. als er onvoldoende cellen weggenomen zijn, er te veel witte of rode bloedlichaampjes aanwezig zijn, bij een infectie of wanneer de cellen niet op de juiste manier zijn weggenomen. In dit geval wordt na 3 tot 6 maanden een nieuw uitstrijkje genomen.


-  Ook wanneer bij een eerste uitstrijkje afwijkende cellen worden gevonden, hoeft u niet onmiddellijk te panikeren. De cellen die worden weggenomen zijn immers van nature sterk onderhevig aan veranderingen en niet alle celveranderingen wijzen op kanker of zijn er voorlopers van. Vaak blijken de eerder vastgestelde afwijkingen bij een herhalingstest verdwenen zonder enige behandeling.

Geeft een uitstrijkje een afwijkend resultaat, dan kan verder onderzoek aangewezen zijn om met zekerheid te kunnen uitmaken of er sprake is van voorloperletsels in de oppervlakkige slijmvlieslagen van de baarmoederhals of van kanker.

 

-  In het voorloperstadium zijn letsels niet zichtbaar met het blote oog. Daarom worden cellen weggenomen voor onderzoek. Dit noemt men een biopsie. Hiermee kan definitief de aard van de afwijking worden vastgesteld. Dit is een snelle, eenvoudige, pijnloze en goedkope manier om baarmoederhalskanker op te sporen.


-  Bij een colposcopie bekijkt de arts de wanden van de vagina en de baarmoederhals met een colposcoop. Dat is een soort microscoop. De arts brengt speciale kleurstoffen aan op de baarmoederhals. Afwijkende cellen nemen die op zodat ze zichtbaar worden. De arts neemt dan met een speciaal tangetje kleine stukjes weefsel weg voor verder onderzoek. De resultaten daarvan krijgt u binnen de 2 weken.

 

Voorloperletsels of kanker, wat nu?

 

Baarmoederhalskanker is een traaggroeiende kanker. Deze kan bijna altijd worden genezen als hij tijdig wordt ontdekt. De behandeling is afhankelijk van de ernst van het vastgestelde letsel maar ook van andere factoren zoals leeftijd en eventuele kinderwens.

 

Is er sprake van voorloperletsels dan wordt het aangetaste weefsel vernietigd of weggenomen. Dat kan op verschillende manieren gebeuren.

 

Cryochirurgie : het aangetaste weefsel wordt vernietigd door bevriezing. Een verdoving is niet nodig. U hoeft ook niet in het ziekenhuis te blijven.


-  Laserbehandeling: met laserlicht vernietigt de arts het aangetaste weefsel. Ook hiervoor is geen verdoving nodig en hoeft u niet in het ziekenhuis te blijven.


Afschrapen van weefsel dat er bij de colposcopie afwijkend uitzag. Dat gebeurt onder (plaatselijke) verdoving. Deze ingreep gebeurt meestal in de dagkliniek.


Exconisatie: de gynaecoloog verwijdert onder (plaatselijke) verdoving het aangetaste weefsel tijdens een kleine operatie. Het bovenste stukje van de baarmoedermond wordt weggesneden. Het weggesneden stukje heeft de vorm van een kegeltje (conus). De baarmoeder zelf blijft intact. Dit kan in dagkliniek of met een korte ziekenhuisopname. Aan de hand van het weggenomen weefsel kan men controleren of alle abnormale slijmvliezen met een voldoende marge weggenomen werden.

Is er sprake van kanker dan doet de arts eerst verder onderzoek om na te gaan in welk stadium de kanker gevorderd is en om vast te stellen of de ziekte zich in het lichaam heeft verspreid. Op basis daarvan beslist de arts welke behandeling er wordt gestart, bv. wegnemen van baarmoeder, chemo- en/of radiotherapie.

 

Alle documenten op deze sites zijn louter informatief en mogen niet beschouwd worden als rechtsgeldige documenten.

 

De vzw kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor de informatie op deze website. Hoewel het onze bedoeling is om bijgewerkte en juiste informatie te verspreiden, kunnen we geen perfect resultaat garanderen. Eventuele onjuistheden die ons worden gesignaleerd, zullen we zo spoedig mogelijk verbeteren.

 

Tot slot

 

Bent u van mening dat bepaalde informatie ontbreekt of onduidelijk is, dan vernemen wij dat graag van u. Mail

 

 

4
Als aan mensen gevraagd wordt wat voor hen het belangrijkste is in het leven, antwoorden de meesten ‘gelukkig zijn’. Maar wat betekent het? Enerzijds is geluk verschillend maar anderzijds ook gelijk voor iedereen. Geluk is de mate waarin je plezier in het leven hebt. lees meer
4
Hoe groot is uw risico op hospitalisatie?

Vroeg of laat ontsnapt niemand aan een hospitalisatie, ook u niet. De kans dat u in het ziekenhuis terechtkomt, is 1 op 6. Hoe ouder u wordt, hoe groter het risico. lees meer

4

Hier vind je duidelijke informatie over jouw concrete situatie.
Adressen en links maken je wegwijs in diensten die je kunnen helpen.
Klik door naar de rubrieken en thema's in het linkermenu of zoek op trefwoord. Heel handig om snel iets op te zoeken.Lees meer

4
Deze website biedt u toegang tot de publicaties van de Vlaamse overheid. U kunt publicaties opzoeken en aanvragen. Publicaties die elektronisch beschikbaar zijn, kunt u downloaden.De lijst bevat een overzicht van de publicaties die werden uitgegeven. Lees meer